Vorige jaargangen
 |
|
2011
Remco Campert, Het leven is vurrukkulluk
Het leven is vurrukkulluk is het onweerstaanbare, bijna achteloos en tegelijk sierlijk opgeschreven verhaal over twee vrienden, Mees en Boelie, die beiden verliefd zijn op het zestienjarige meisje Panda. Zij steelt geld van een oude man en samen organiseren ze een groot feest waarna niets meer is wat het lijkt, in een wereld van vrije liefde en marihuana. |
| |
|
|
 |
|
2010
Jacoba van Velde, De grote zaal
De roman De grote zaal – over de laatste dagen van een oude vrouw in een verpleegtehuis en de relatie met haar dochter – was, net als de auteur Jacoba van Velde (1903-1985), bij het grote publiek in de vergetelheid geraakt. Bij verschijnen werd het boek nationaal en internationaal als meesterwerk bestempeld door gerenommeerde recensenten. |
| |
|
|
 |
|
2009
Hella S. Haasse, Oeroeg
Oeroeg, het roman-debuut van Hella S. Haasse (1918) is het verhaal van de vriendschap tussen een Indonesische jongen en de zoon van een Nederlandse administrateur in het Nederlands-Indië van voor de Tweede Wereldoorlog. Geleidelijk groeien de jongens uit elkaar. Oeroeg is een boek over vriendschap, gesitueerd ten tijde van het complexe proces van dekolonisatie. |
| |
|
|
 |
|
2008
Harry Mulisch, Twee vrouwen
De roman Twee vrouwen van Harry Mulisch (1927-2010) draait om de maatschappelijk niet-geaccepteerde liefde van de twee vrouwelijke hoofdpersonen, de oudere Laura en de jonge Sylvia. De roman legt verbanden met ouder-kindrelaties en man-vrouwverhoudingen. En de klassieke noodlotsdrama’s van Orpheus en Oidipoes zijn in het verhaal verweven.
|
| |
|
|
 |
|
2007
Theo Thijssen, De gelukkige klas
De gelukkige klas van Theo Thijssen (1879-1943) wordt algemeen beschouwd als een van de meest sociaal-maatschappelijk geëngageerde werken van deze onderwijsvoorvechter. Thijssen – van origine zelf onderwijzer – typeerde zijn in dagboekvorm geschreven De gelukkige klas als ’Een hymne op het onderwijzersschap’. |
| |
|
|
 |
|
2006
Frank Martinus Arion, Dubbelspel
Dubbelspel was het debuut van de op Curaçao geboren en getogen schrijver Frank Martinus Arion (1936). Dertig jaar geleden gold de roman dadelijk als verrassend: informatief en vol mensenkennis, humor en inzicht, geschreven in soepel, beeldend Nederlands, verrijkt met elementen uit de Caribische cultuur. |
| |
|
|
|
|
|
|